De Voorbereiding

We besloten uiteindelijk dat ik zou proberen ergens paarden op de kop te tikken. Kalaan zou een karavaan zoeken die een van deze dagen vertrok over de handelsroute die wij ook voor een groot deel zouden moeten volgen. Liesl en Kjeldor zouden instaan voor enige aankopen die nog nuttig zouden kunnen zijn, zoals eten en wat waterzakken. Op deze manier had ik nog even wat vrije tijd om inlichtingen in te winnen over de Diamond Of Tears of over Yoran Windchaser, hoewel ik er niet echt veel van verwachtte.

We gingen uit elkaar en ik dook meteen de donkerste steegjes in, op zoek naar eender wie die me wat informatie zou kunnen geven. Ik klampte hier en daar wat mensen aan, maar niemand had hier gehoord van Yoran Windchaser, en er was ook geen algemene plaats waar T'Skrangs samenkwamen. Gezien vele T'Skrangs handelaars zijn, besloot ik een bezoekje te brengen aan het Trading House, maar ook daar kreeg ik geen antwoord. Het was zoeken naar een naald in een hooiberg en ik besloot dan maar terug naar Brainbiter te keren.

Ik legde hem uit dat er geen spoor was van Yoran of de Diamond, maar hij werd ongeduldig. Hij had geen wrok tegenover mij, maar als hij niet snel zijn diamant kreeg zou hij zich tegen Terricia keren. Ik probeerde hem te sussen maar het feit dat ik zou vertrekken, en dus nog minder met zijn zaak zou kunnen bezig zijn, hielp natuurlijk niet veel.

Na een tijdje kwam Kalaan binnen. Ze had een karavaan gevonden die morgenvroeg zou vertrekken, onder opdracht van een zekere T'Skrang Yoran, die in de Juggling Shadowmant te vinden moest zijn. Ik verbeet mijn verbazing en toen ze Brainbiter vroeg of hij een zekere Yoran kende, keek hij mij geschrokken aan; ik gebaarde dat ik er niks mee te maken had. Hij zei dat hij absoluut niemand kende die Yoran heette. Kalaan had van de karavaan gehoord in het Trading House, en daar was haar verteld dat een zekere Yoran hier te vinden moest zijn. We besloten te wachten op de anderen, en van zodra ze binnen waren gekomen met hun vers fruit en avonturierspakketten legden we hen de situatie uit. Op mijn aansporen gingen we samen terug naar het Trading House om wat meer uitleg te vragen over Yoran, zogezegd in het belang van de karavaan, maar ik moest natuurlijk heel wat meer weten.

Het was al gesloten, maar de bazin van het Trading House deed de deur nog open. Ze kon ons helaas niets meer vertellen: ze dacht gehoord te hebben dat Yoran bereikbaar was in de Juggling Shadowmant, maar ze kon zich vergist hebben. We dachten er dan aan om 's morgens gewoon te komen kijken en te vragen of we mee mochten, maar zij had dat liever niet; ze wou haar goede naam en goede verstandhouding behouden. Nadat ze terug naar binnen was gegaan, stelde ik voor om zelf 's morgens een kijkje te gaan nemen, kwestie van polshoogte te nemen van de situatie - en natuurlijk wat meer informatie op te doen voor mijn eigen opdracht. Het begon al te schemeren en we wandelden terug naar de Juggling Shadowmant.

Plots dook een Ork uit het niets op en dreef zijn dolk dwars door mijn bescherming heen, waardoor hij een gapende wonde naliet. De anderen reageerden laat door de verrassing en hij raakte me nog eens. Ondanks mijn diepe wonde hief ik mijn zwaard hoog op en met een enorme stoot raakte ik hem pal in de zij, waarop hij neerviel. Na een tweede klap van Kjeldor bleef hij bewusteloos liggen. We namen zijn dolk en zijn geldbeugel af (140 zilverstukken!) en Kjeldor hield de Ork, die ondertussen alweer probeerde te ontsnappen, onder bedwang met zijn dolk.

Opeens kwamen vier soldaten van de Royal Guard op ons af en riepen naar ons dat we onze wapens onmiddellijk moesten laten vallen. We hadden geen keuze en gehoorzaamden, waarop de Ork naar hen toeliep en zei dat we hem probeerden te beroven. We waren inderdaad met vier tegen één, we hadden een dolk op zijn keel en we hadden ook zijn geldbeugel in ons bezit, dus veel verhaal hadden we niet. Ik maande iedereen aan kalm te blijven en zei dat ze aan Brainbiter konden vragen dat wij eerbaar volk waren die geen kwade bedoelingen hadden. Toen het woord Brainbiter viel leken de Guards ons al wat meer te geloven, waarop de Ork het op een lopen zette, achterna gezeten door twee Guards. De anderen geboden ons mee te gaan naar Brainbiter, die ons steunde en zei dat we nooit iemand zouden bestelen. De andere twee Guards waren ondertussen teruggekeerd en ze hadden de Ork, die versterking had gekregen van twee companen, in een gevecht om het leven gebracht.

De Guards vertrokken weer en uitgeput zette ik me neer. Kalaan gaf me soep met genezende krachten en ik herstelde al een beetje, maar ik had nog altijd een zware wonde. Tijdens het eten kwam iemand naar me toe en gaf me een briefje met de tekst: "Stick your filthy nose in someone else's business. You're warned!! Y.W.", waarop de boodschapper verdween. Ik voelde de priemende blikken van de anderen en ik wist dat ik hen een uitleg verschuldigd was; ik kon niet alles geheim houden of ze zouden me niet meer vertrouwen. Van de andere kant wilde ik hen er niet bij betrekken, dus hoe minder ze wisten, hoe beter.

Ik vertelde hen dus dat ik problemen had met een zekere Yoran Windchaser, een T'Skrang die bepaalde mensen iets had aangedaan, en dat ik betaald werd om het probleem op te lossen. Daarom was ik ook naar Bartertown gekomen. De link met de Yoran van de karavaan was snel gelegd en ik besefte dat de aanval van enkele uren geleden er waarschijnlijk ook wel iets mee te maken had. Yoran was me dus op het spoor en hij was niet alleen. Gezien de gevaarlijke positie waarin ik me bevond besloten we de karavaan voorlopig te laten voor wat ze was en ik zou morgen goed uitrusten zodat mijn wonde wat zou kunnen genezen. Ik had niet verteld dat Brainbiter er ook voor iets tussenzat, en wie mijn opdrachtgevers waren verzweeg ik natuurlijk ook. Ze leken niet meer kwaad op mij, ze waren eerder ongerust.